Zijdehoen: oorsprong, eerste ei, broedsheid en verzorging
Bijgewerkt:
Zachte veren, vijf tenen en vaak broedsheid. Begin de keuze bij een droge uitloop, goed zicht en gemakkelijk bereikbare slaapplaatsen.
Gepubliceerd:
Zijdehoenders vragen om een ander tuinplan
Een Zijdehoen trekt aandacht door het zachte, los ogende verenkleed. Wie een rustige sierkip zoekt en broedsheid interessant vindt, kan veel plezier aan dit ras beleven. Wie vooral iedere dag een volle eiermand wil, moet andere rassen meewegen. Het aantal eieren is maar één onderdeel van de keuze; een droge plek en goed bereikbare voorzieningen tellen hier zwaar mee.
Begin dus bij het hok. Moeten de dieren hoog springen om te slapen? Staat de ingang bij regen in de modder? Kunnen ze met hun kuif het water en voer goed zien? Die vragen zijn nuttiger dan eerst de zeldzaamste kleur kiezen. Ook de groottegroep moet duidelijk zijn. Donsachtige veren laten een kip groter lijken dan haar werkelijke gewicht, terwijl grote Zijdehoenders en krielen niet dezelfde standaardgewichten hebben.
De Aziatische oorsprong van het Zijdehoen
Het Zijdehoen heeft Aziatische wortels en wordt vaak met China verbonden. De precieze plaats en tijd van ontstaan zijn niet zeker. Daarom is het niet verantwoord één dorp, jaartal of oorspronkelijke fokker als onbetwist begin te noemen. De latere verspreiding bracht verschillende fokpopulaties en nationale standaarden voort. De Engelse naam Silkie verwijst naar dezelfde opvallende verenstructuur.
Dat internationale verschil is belangrijk bij het vergelijken van gegevens. In een Amerikaanse rasbeschrijving wordt Silkie als bantam aangeduid, terwijl de Australische standaard grote dieren en bantams afzonderlijk beschrijft. Een Amerikaanse legtijd en een Australisch gewicht hebben dus niet automatisch betrekking op precies dezelfde groep. Vraag bij aankoop naar de groottegroep en afkomst van de lijn, ook als de verkoper alleen “Zijdehoen” schrijft.
Meer dan witte, zachte veren
Naast de zijdeachtige veren horen donkere huid, bevederde benen, vijf tenen en een walnootkam bij het herkenbare beeld. Er bestaan dieren met en zonder baard. De oorlellen kunnen blauwachtig ogen. Wit is slechts één kleur; de witte hen op de foto laat het uiterlijk zien en is geen bewijs dat het ras alleen in wit voorkomt.
De kuif verdient een eigen controle. Bekijk het hoofd ook van opzij. In de Australische standaard mogen de ogen van de hen vanuit die richting niet onder de kuif verstopt zijn. Voor een tuinkip is goed kunnen zien minstens zo praktisch: ze moet haar voedsel, de waterbak en andere dieren kunnen volgen. De grootste, rondste kuif is niet vanzelf de beste keuze. Observeer hoe de kip beweegt en om zich heen kijkt.
Gewichten: grote vorm en bantam gescheiden
Volgens de Australische standaard weegt een volwassen grote Zijdehoen-hen 1,15–1,58 kg en een grote haan 1,58–2,00 kg. Voor bantams in dezelfde standaard staan 455–570 g voor de hen en 570–680 g voor de haan. De foto’s en gewichtsbijschriften op de A4-kaart gebruiken de grote vorm. De kleinere groep wordt daarnaast afzonderlijk uitgelegd.
Dit zijn standaardgewichten, geen gemiddelde van alle dieren die in Nederland Zijdehoen worden genoemd. Vraag welk type de fokker aanhoudt en hoe oud het aangeboden dier is. Woorden als “jumbo” in een advertentie leggen geen standaard vast. Een weging helpt, maar beoordeel ook voeten, beweging en conditie. Een passende massa vervangt de rest van de controle niet, zeker niet bij een dier waarvan veel onder de veren verborgen zit.
Eerste ei rond 30–39 weken als oriëntatie
Een bruikbaar beginpunt is ongeveer 30–39 weken na het uitkomen. Dit is de afgeronde omzetting van 7–9 maanden uit een Amerikaanse Silkie-beschrijving, waarin de dieren als bantam worden ingedeeld. Het is geen onderzoek naar alle grote Australische Zijdehoenders of Nederlandse lijnen. Vraag de fokker naar verwante hennen en houd de bekende uitkomstdatum bij.
Een jonge hen hoeft dus niet even vroeg te beginnen als een gangbare leglijn. Een geschatte leeftijd in een advertentie kan de verwachting bovendien verschuiven. Kijk bij een late start naar groei, verzorging en het dier zelf. Zonder aanwijzingen voor een probleem hoef je niet telkens een nieuw supplement te proberen. Bij een duidelijke verandering in conditie of gedrag is beoordeling van de kip verstandiger dan alleen blijven wachten op het eerste ei.
Kleine eieren, wit met een crèmetint tot crème
Zijdehoenders leggen doorgaans kleine eieren met een witte tot crèmekleurige schaal. Kleur en formaat zijn twee verschillende kenmerken. Een omschrijving als “klein wit tot crème” hoort daarom niet als één kleurwaarde in een tabel te staan. Voor het formaat van de eigen eieren kun je eenvoudig enkele exemplaren wegen. Er is hier geen universeel gramgetal dat op elk Zijdehoen-ei wordt geplakt.
Een Amerikaanse populatiebeschrijving noemt ongeveer 100–120 eieren per jaar. Dat is een indruk van de besproken groep, geen vaste opbrengst van iedere Nederlandse hen. Broedse perioden maken de leg onderbroken. Het kalenderjaar waarin een kuiken uitkomt is bovendien geen volledig productiejaar. Voor een kleine toom geeft het daadwerkelijke legverloop van de moederdieren meer houvast dan een hoge verkoopbelofte.
Broedsheid is aantrekkelijk, maar vraagt keuzes
Het Zijdehoen staat bekend om geregeld broeds worden. Dat kan prettig zijn als je een hen met kuikens wilt houden, maar minder als je iedere hen voor keukeneieren hebt aangeschaft. Bedenk voor een broedsel of je plaats voor de jongen hebt en van welke oudergroep de eieren komen. Niet ieder dier is op elk moment een betrouwbare kloek, ook binnen een ras met die reputatie.
Observeer of de hen werkelijk consequent blijft zitten en of ze toegang tot voer en water houdt. De hoeveelheid eieren moet bij haar vermogen passen om ze te bedekken. Laat de wens om veel kuikens te krijgen niet de enige maatstaf zijn. In de administratie kun je consumptie-eieren, ingelegde broedeieren en uitgekomen kuikens apart houden. Dat maakt een broedpauze begrijpelijk zonder een denkbeeldige productieachterstand aan de hen toe te schrijven.
Een droge uitloop voor Nederlandse regen
Het losse verenpak maakt een beschut, droog deel van de uitloop belangrijk. Alleen een groot grasveld waarop alle dieren bij regen doorweekt raken, is geen complete inrichting. Zorg ook voor een droge route naar voer en water. Kijk waar dakwater terechtkomt en of de grond bij de ingang blijft liggen als een natte kuil.
De drinkbak kan zelf een bron van nattigheid zijn. Een omgevallen of spetterende bak maakt de bevederde voeten nat, ook bij droog weer. Plaats hem stabiel en houd de slaapplaats erbuiten. Ventilatie moet blijven werken; het hok helemaal afsluiten om vocht buiten te houden kan vocht juist binnen laten ophopen. Op warme dagen moeten de kippen gemakkelijk naar schaduw en schoon water kunnen.
Lage slaapplaatsen en nesten
Ontwerp het hok niet voor de sprongkracht van andere kippen. Zijdehoenders hebben een gemakkelijk bereikbare slaapplaats en nest nodig. Een lage, stabiele zitstok of droge rustplek is bruikbaarder dan een hoge stok met een moeilijke landing. De looproute mag niet glad zijn en moet zonder klauteren over voerbakken bereikbaar blijven.
Sommige dieren kiezen een plek dicht bij de bodem. Controleer daar de bodembedekking extra, zodat een gewoonte om laag te slapen niet betekent dat de kip iedere nacht vochtig zit. Maak het voor jezelf mogelijk alle dieren te bekijken zonder iedere avond het hele hok uiteen te halen. Een simpele, bereikbare indeling helpt ook om een hen die zich anders gedraagt snel op te merken.
Voeten en ogen onder de veren controleren
Bekijk de vijf tenen en de voetzolen regelmatig. Bepaal of de kip goed kan staan en of beenveren vuil vasthouden. Ook de achterzijde kan onder de zachte veren minder zichtbaar zijn. Alleen van een afstand naar een mooie witte bol kijken, geeft onvoldoende informatie over de toestand van het dier.
Bij de ogen is kiezen voor een goede kuifvorm het eerste uitgangspunt. Als veren toch het zicht hinderen en een ingreep nodig lijkt, vraag hulp van een ervaren houder of dierenarts. Ga niet haastig met een schaar dicht bij de ogen werken. De verzorging moet het dier helpen functioneren, zonder dat een fraai uiterlijk de reden wordt om een praktisch probleem te negeren.
Een rustige kip in een gemengde toom
Zijdehoenders worden vaak als zachtaardig beschreven. Dat maakt ze niet automatisch bestand tegen een drukke groep grotere kippen. Let na een geleidelijke kennismaking op wie bij het voer, water en nest komt. Wegjagen zonder grote vechtpartij kan toch betekenen dat dezelfde hen telkens te weinig gelegenheid krijgt. Een extra voerplek helpt alleen als die werkelijk bereikbaar is.
Geef een passende hoofdvoeding voor de leeftijd. Een klein ogend dier is geen reden om alleen restjes of graan te voeren. Als je voor fokkerij kiest, houd oudergroepen duidelijk en laat rasnaam, groottegroep en herkomst terugkomen in de gegevens die je aan kopers geeft. Vraag bij broedeieren naar de oudergroep, bij kuikens naar de uitkomstdatum en bij jonge hennen naar leeftijd en geslachtsbepaling.
Het Zijdehoen past bij een houder die juist de sierwaarde en mogelijke broedsheid wil, met een droge en toegankelijke inrichting. Een permanent nat hok of een doel van maximale eiproductie vraagt een andere keuze. Laat die praktische match zwaarder wegen dan de kleur die op een advertentie het meest opvalt.
Afdrukbare A4-raskaart: Zijdehoen
Afkomst, gewicht, eerste ei en verzorging op één A4-pagina. De cijfers en hun bereik zijn gelijk aan die in de tekst.
Veelgestelde vragen
Waar komt het Zijdehoen vandaan?
Het ras heeft Aziatische wortels en wordt vaak met China verbonden. De precieze plaats en tijd van ontstaan zijn niet zeker.
Hoe zwaar zijn grote Zijdehoenders?
De Australische standaard geeft 1,15–1,58 kg voor een volwassen grote hen en 1,58–2,00 kg voor de haan. Het zijn standaardgewichten, geen gemiddelde van iedere Nederlandse lijn.
Zijn bantams even zwaar?
Nee. In dezelfde Australische standaard wegen bantamhennen 455–570 g en bantamhanen 570–680 g. Vraag welke groottegroep de fokker houdt.
Wanneer kun je het eerste ei verwachten?
Ongeveer 30–39 weken na het uitkomen is een afgeronde omzetting van 7–9 maanden uit een Amerikaanse Silkie-beschrijving voor bantams. Het is geen startmeting van alle grote Nederlandse dieren.
Hoeveel eieren legt een Zijdehoen?
Een Amerikaanse populatiebeschrijving noemt circa 100–120 kleine witte tot crèmekleurige eieren per jaar. Broedsheid kan de leg onderbreken; het aantal is geen garantie.
Welke huisvesting helpt bij Nederlandse regen?
Een beschut, droog deel van de uitloop, een droge route naar voer en water, lage bereikbare slaapplaatsen en frisse lucht. Controleer ook of de kuif goed zicht toelaat.
Heb je nog een vraag?
Vermeld de groottegroep, afkomst, leeftijd en je vraag over huisvesting, broedsheid of verzorging.



