Australorp: oorsprong, gewicht, eerste ei en verzorging
Bijgewerkt:
Een stevige kip met een legachtergrond. Kies de juiste groottegroep en lijn, en maak het hok geschikt voor volwassen dieren.
Gepubliceerd:
Een stevige kip met een duidelijke legachtergrond
De Australorp is interessant als je een behoorlijke kip wilt die ook eieren voor de keuken legt. Vooral de zwarte kleurslag is herkenbaar: een breed lichaam en zwarte veren die in het licht groen glanzen. Dat uiterlijk kan de indruk geven van een zware, trage kip, maar kijk ook naar hoe de dieren lopen, voedsel zoeken en op de verzorger reageren. Een rasnaam vertelt niet alles over één hen.
Voor een kleine Nederlandse toom is de combinatie van formaat en omgang vaak belangrijker dan een historisch legrecord. Bedenk hoeveel plaats er in het nachthok is, hoe de kippen op de zitstok komen en of alle dieren tegelijk kunnen eten. Een zwaarder ras vraagt een bruikbare inrichting. Een mooi hok waarin een volwassen hen moeilijk kan draaien of landen, past minder goed dan een eenvoudiger hok met voldoende ruimte.
De oorsprong van de Australorp
De Australorp werd in Australië ontwikkeld uit zwarte Orpingtons die rond de overgang van de 19e naar de 20e eeuw uit Engeland werden ingevoerd. Australische fokkers legden sterk de nadruk op eiproductie. Daardoor groeide een eigen ras uit een gezamenlijke achtergrond, terwijl de Orpington elders in een andere richting werd gefokt. Het zijn verwante rassen, maar hun namen zijn niet onderling uitwisselbaar.
De bekende prestaties in legwedstrijden verklaren waarom Australorps internationaal aandacht kregen. Zo’n wedstrijdresultaat zegt echter iets over geselecteerde dieren en hun omstandigheden. Het is geen hoeveelheid die je bij iedere hen in een tuin mag verwachten. Vraag bij aankoop naar de huidige lijn: wordt er vooral op rastype, leg of een combinatie geselecteerd? Dat antwoord helpt meer dan een record dat tientallen jaren ouder is dan de aangeboden dieren.
Grote volwassen dieren, jonge dieren en krielen
Voor de grote Australorp gebruiken we de Australische clubstandaard: een volwassen hen weegt 2,75–3,10 kg en een volwassen haan 3,60–4,10 kg. Diezelfde standaard geeft voor een jonge hen 2,25–2,75 kg en voor een jonge haan 3,20–3,60 kg. De leeftijdsgroep hoort dus bij het cijfer. Een jonge haan vergelijken met het gewicht van een volwassen fokhaan geeft een verkeerd beeld.
Australorp-krielen staan apart: in deze standaard weegt de volwassen hen 850–1040 g en de haan 1000–1230 g. De kaart bij dit artikel beschrijft de grote vorm. Vraag bij een advertentie daarom eerst naar de groottegroep en pas daarna naar het gewicht. Een algemene tabel van een andere website kan een ander nationaal uitgangspunt gebruiken; neem niet de hoogste waarden uit verschillende tabellen samen.
Waar je bij de bouw op let
De Australische standaard beschrijft een brede, diepe romp, een enkele kam, onbevederde loopbenen en vier tenen. Bij zwarte dieren hoort een groene glans in het verenkleed. De club beschrijft daarnaast een blauwe kleurslag. Voor deelname aan een Nederlandse tentoonstelling moet je uiteraard de daar geldende erkenning en eisen controleren; een buitenlandse kleurlijst is geen automatische inschrijving voor iedere tentoonstelling.
Voor de tuin begint de beoordeling bij goed functioneren. Kan de kip vlot bewegen en gemakkelijk bij het voer? Zijn de tenen bruikbaar en staat ze stabiel? Een gewicht binnen de standaard compenseert geen problemen met lopen. Bekijk ook de ouderdieren in plaats van alleen een zorgvuldig gekozen verkoopfoto. Bij een groot ras is de ruimte waarin de ouders worden gehouden een nuttig onderdeel van het gesprek met de fokker.
Het eerste ei: ongeveer 18–24 weken
Een praktische oriëntatie is 18–24 weken na het uitkomen. Die leeftijd wordt genoemd voor zwarte Australorp-jonge hennen bij een Amerikaanse broederij. Het is geen gemeten startleeftijd van iedere Nederlandse lijn of van alle tentoonstellingsdieren. Vraag daarom naar de uitkomstdatum en naar het begin van de leg bij verwante hennen van dezelfde fokker.
Een voorjaarsjong en een hen die later in het seizoen opgroeit, komen niet onder dezelfde omstandigheden aan de leg. Ook de omschrijving “legklaar” maakt een onbekende leeftijd niet precies. Gebruik het bereik om een verwachting te vormen, niet om een gezonde hen op een vaste dag af te keuren. Als de ontwikkeling of conditie niet goed lijkt, kijk dan naar het hele dier en de verzorging voordat je aan een gebrek denkt.
Legverwachting en de plaats van een record
Voor een tuinhouderij is ongeveer 250 eieren per jaar als bovengrens van de verwachting een bruikbaar Australisch uitgangspunt. Dat is geen biologische limiet en ook geen minimum dat iedere hen haalt. Lijn, seizoen en verzorging bepalen mede wat werkelijk in de mand terechtkomt. Andere populatiebeschrijvingen kunnen hogere aantallen noemen, maar dat maakt die aantallen niet tot jouw toomresultaat.
Een legrecord is vooral een deel van de rasgeschiedenis. Voor een aankoop zijn recente gegevens van de oudergroep nuttiger: hoeveel hennen zijn gevolgd en tussen welke datums is geteld? Een jaar vanaf de eerste leg en het kalenderjaar waarin een kuiken uitkwam zijn verschillende perioden. Bouw je verwachting niet op door één sterke maand met twaalf te vermenigvuldigen. Houd liever het aantal hennen, de verzamelde eieren en duidelijke onderbrekingen bij.
Lichtbruine eieren en een gemiddelde massa
De eieren zijn getint tot lichtbruin. Een Amerikaanse rasbeschrijving geeft gemiddeld 26–27 ounce per dozijn; omgerekend is dat ongeveer 61–64 g per ei. Het is een gemiddelde voor de beschreven populatie, geen afzonderlijk minimum voor broedeieren en geen verplicht formaat van elk ei. Net begonnen hennen kunnen andere formaten leggen dan volwassen dieren uit een beschreven groep.
Voor de keuken kun je enkele eieren uit de eigen toom wegen. Dan weet je beter hoe een recept uitpakt dan wanneer je alleen op het rasmaximum rekent. Voor een broedsel komt er meer bij kijken: herkomst, verzameldatum en kwaliteit van het ei. De lichtbruine schaal bewijst geen zuivere Australorp. Ook andere rassen en kruisingen leggen dergelijke eieren.
Rustig karakter betekent nog steeds goed kijken
Australorps worden vaak als vriendelijk en goed benaderbaar beschreven. Dat is aantrekkelijk in een tuin waar je de dieren dagelijks verzorgt. Laat de individuele kippen het wel zelf laten zien. Een haan kan anders reageren dan zijn rustige moederdieren, en een nieuwe hen gedraagt zich anders in een onbekende groep. Kies niet uitsluitend op een etiket “tam”.
Laat nieuwkomers geleidelijk kennismaken achter een veilige afscheiding. Na het samenvoegen kijk je niet alleen naar vechten, maar ook naar wie bij het water en de rustplek komt. Grote dieren kunnen door hun aanwezigheid een nauwe doorgang bezet houden. Een tweede voerplek of ruimere looproute kan dan praktischer zijn dan steeds dezelfde hen terug naar de groep zetten.
Een nachthok voor het volwassen formaat
Maak zitstokken stevig en goed bereikbaar. Onder en naast de stok moet plaats zijn om te landen zonder op een voerbak of tegen een wand terecht te komen. Ook de ingang en de nesten moeten bij een volwassen hen passen. Test die plekken met de dieren erin: kunnen ze rustig draaien en elkaar passeren? De inrichting hoeft niet ingewikkeld te zijn om goed te werken.
In een Nederlandse herfst helpt een beschut, droog deel van de uitloop. Leid dakwater weg van de ingang en kijk waar de grond steeds kapot wordt gelopen. Het hok volledig dichtzetten om warmte vast te houden kan juist vocht laten ophopen. Zorg voor luchtverversing terwijl de slaapplaats beschermd blijft tegen inwaaiende regen. In warme weken moeten schaduw en water voor de hele toom bereikbaar zijn.
Voer en mogelijke broedsheid
Stem de basisvoeding af op leeftijd en gebruik. Een groeiende jonge hen is nog geen volwassen legkip. Bij dit formaat is het verleidelijk veel extra graan te geven, maar een extraatje moet de passende hoofdvoeding niet verdringen. Let op wat de dieren werkelijk eten en of ieder dier toegang heeft. Wegen kan nuttig zijn, zolang je de uitkomst samen met leeftijd en conditie bekijkt.
Broedsheid kan voorkomen. Als een hen blijft zitten, verandert het verzamelde aantal eieren en ontstaat mogelijk een nieuwe huisvestingsvraag. Beslis eerst of je kuikens wilt en welke oudergroep de eieren moet leveren. De rasnaam garandeert niet dat iedere Australorp een betrouwbare kloek wordt. Vraag naar het gedrag in de lijn en beoordeel de hen die werkelijk op het nest blijft.
Koop de lijn die bij je doel past
Bij broedeieren wil je weten welke ouderdieren samenlopen en wanneer de eieren zijn verzameld. Bij kuikens zijn de uitkomstdatum en herkomst belangrijk. Bij jonge hennen vraag je ook naar de leeftijd en de basis van de geslachtsbepaling. Een fraaie zwarte kip is niet alleen door haar kleur een Australorp. Voor rasfokkerij hoort de afstamming duidelijk te zijn en moeten fokgroepen van andere rassen gescheiden blijven.
De grote Australorp past bij iemand die een stevige kip, lichtbruine eieren en een prettig te verzorgen toom zoekt. Met een zeer klein nachthok of een plan dat uitsluitend op maximale aantallen draait, moet je verder vergelijken. Een bewuste keuze voor formaat en lijn geeft meer plezier dan later proberen het hok of de kip aan een ongeschikte verwachting aan te passen.
Afdrukbare A4-raskaart: Australorp
Afkomst, gewicht, eerste ei en verzorging op één A4-pagina. De cijfers en hun bereik zijn gelijk aan die in de tekst.
Veelgestelde vragen
Waar komt de Australorp vandaan?
Het ras werd in Australië ontwikkeld uit zwarte Orpingtons die rond 1900 uit Engeland werden ingevoerd. Australische fokkers selecteerden sterk op eiproductie.
Hoe zwaar zijn volwassen grote Australorps?
De Australische clubstandaard geeft 2,75–3,10 kg voor de hen en 3,60–4,10 kg voor de haan. Jonge dieren en krielen hebben afzonderlijke gewichtsreeksen.
Wanneer kun je het eerste ei verwachten?
Ongeveer 18–24 weken na het uitkomen is een oriëntatie voor zwarte jonge hennen uit een Amerikaanse broederijbeschrijving. Het is geen vaste startdatum voor iedere Nederlandse lijn.
Is 250 eieren per jaar gegarandeerd?
Nee. Ongeveer 250 is een Australische bovengrens voor de verwachting in tuinhouderij, geen biologische limiet of gegarandeerd minimum.
Hoe zwaar is een Australorp-ei?
Een Amerikaanse populatiebeschrijving noemt gemiddeld 26–27 ounce per dozijn, omgerekend circa 61–64 g per ei. Dat is een populatiegemiddelde, geen minimum voor ieder ei.
Kan een Australorp broeds worden?
Ja, broedsheid kan voorkomen. Vraag naar de lijn en beoordeel de individuele hen; de rasnaam garandeert geen betrouwbare kloek.
Heb je nog een vraag?
Vermeld de groottegroep, herkomst, leeftijd en je vraag over de dieren of hun verzorging.



